Schuurman & Jordens 129-III; Opiumwet: wet van 12 mei 1928, Stb. 1928 167, Wet voorkoming misbruik chemicaliën: wet van 16 maart 1995, Stb. 1995, 258

Auteurs:
WoutersJongbloed prijs:
ca. € 60,02
Dit boek is uitverkocht
Boek | Ingenaaid | 557 bladzijden | Nederlands
W.E.J. Tjeenk Willink | 4e editie | Verschijnt in 2001
ISBN-13: 9789014071619 | ISBN-10: 9014071612 |
Inhoudsopgave


Samenvatting
De Opiumwet is in deze nieuwe uitgave van S&J-deel 129-III geheel geactualiseerd en aangevuld met het Besluit voorschrijven en bestellen opiumwetmiddelen. De belangrijkste richtlijnen van het opsporings- en strafvorderingsbeleid inzake strafbare feiten van de Opiumwet zijn thans bij de overige regelgeving in dit deel ondergebracht. Bij de internationale regelgeving die verband houdt met de Opiumwet heeft zich wederom een groot aantal landen aangesloten, al dan niet onder voorbehoud of voorwaarden. Ook deze gegevens zijn geheel bijgewerkt. De Wet voorkoming misbruik chemicalin is aangevuld met een tweetal besluiten van de Raad van de Europese Unie.
Wet voorkoming misbruik chemicaliën: wet van 12 mei 1928, Stb. 1928, 167, met aantekeningen, uitvoeringsbesluiten, internationale regelingen en alfabetisch register : wet van 16 maart 1995, Stb. 1995, 258, met aantekeningen, uitvoeringsbesluiten, internationale regelingen en alfabetisch register.
Serie
Rubriek / NUR
Arbeids- & Sociaal recht
Aankomende cursussen omtrent Arbeids- & Sociaal recht:
Juridische kalender
Trefwoorden
Er zijn (nog) geen trefwoorden opgenomen voor dit boek
Literatuurlijsten
Wettenbundels
In deze titel zijn een aantal wetten opgenomen waaronder:
- Aanwijzing categorie (rechts) personen en instellingen waaraan precursoren mogen worden afgeleverd
- Aanwijzing rechercheurs Belastingdienst/Economische Controledienst als ambtenaren belast met toezicht naleving Wet voorkoming misbruik chemicaliën
- Beleidsregels voor de beslissing op aanvragen voor Opiumwetverloven
- Besluit aanwijzing 2-CB als middel
- Besluit aflevering Opiumwetmiddelen op recept
- Toon alle wetten die in deze bundel staan.
Recente uitspraken bij deze wetten:
| Datum | LJN | Samenvatting |
| 20-09-2011 | BR0566 | In de kwalificatie van het onder 1, 2 en 3 bewezenverklaarde is telkens ten onrechte een strafverzwarende omstandigheid opgenomen, die het Hof blijkens de strafmotivering heeft betrokken in de strafoplegging. De HR verbetert de kwalificaties maar wijst de zaak wat betreft de strafoplegging terug. |
| 28-07-2011 | BR3773 | Bijzondere bijstand; kosten leges voor aanvraag ontheffing Opiumwet tbv zelfkweek cannabis; niet vallend onder uitputtende opsomming doeleinden ontheffing; geen noodzakelijke kosten. |
| 13-07-2011 | BR1425 | Bij besluit van 27 november 2008 heeft de stadsdeelvoorzitter van het stadsdeel Oud-Zuid (thans: stadsdeel Zuid) het verzoek van [appellant] en anderen van 27 augustus 2008 om de kinderspeelplaats in de Hemonystraat aan te wijzen als gebied waar een softdrugsverbod geldt, afgewezen. |
| 05-07-2011 | BQ6140 | Voorwaardelijk opzet invoer cocaïne. Het Hof heeft als zijn oordeel tot uitdrukking gebracht dat verdachte, door ieder onderzoek naar zijn koffer achterwege te laten, bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zich in die koffer cocaïne zou bevinden. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk en is toereikend gemotiveerd, in aanmerking genomen dat het Hof heeft vastgesteld dat verdachte kort voor zijn vertrek van Suriname naar Nederland zijn koffer gedurende enkele uren heeft afgestaan aan een man die hij slechts uiterst oppervlakkig kende, dat verdachte ervan op de hoogte was dat verdovende middelen vanuit Suriname naar Nederland per vliegtuig plegen te worden gesmokkeld, en dat zich direct onder de binnenvoering van verdachtes koffer drie pakketten met een totaalgewicht van ruim 2 kilo bevonden die bij vluchtig onderzoek van de koffer ontdekt hadden kunnen worden. |
| 29-06-2011 | BQ9684 | Bij verwijzingsuitspraak van 8 april 2009 in zaak met nr. 200803357/1 (www.raadvanstate.nl; hierna: de verwijzingsuitspraak) heeft de Afdeling in deze zaak het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (thans: het Hof van Justitie van de Europese Unie; hierna: het Hof) verzocht bij wijze van prejudiciële beslissing uitspraak te doen op een aantal vragen, de behandeling van de hoger beroepen van Josemans en de burgemeester geschorst tot het Hof uitspraak heeft gedaan en iedere verdere beslissing aangehouden. Voor het procesverloop voorafgaande aan deze uitspraak wordt verwezen naar de verwijzingsuitspraak, die is aangehecht. |