Lexplicatie 3.55f-I; Algemene wetgeving milieu-eisen aan inrichtingen

Auteurs:
JanssenJongbloed prijs:
€ 69,50
Dit boek is leverbaar en op voorraad
Boek | Ingenaaid | 949 bladzijden | Nederlands
Kluwer | 3e editie | Verschenen in 2011
ISBN-13: 9789013087901 | ISBN-10: 9013087906 |
Inhoudsopgave


Samenvatting
Aan welke milieu-eisen moeten 'inrichtingen' in de zin van de Wet milieubeheer voldoen? Deze vraag staat centraal in de Lexplicatiedelen 3.55f-I en -II.
Het onderhavige deel behandelt de regelgeving die betrekking heeft op de algemene eisen aan inrichtingen. In deel 3.55f-II staan de overige besluiten, regelingen en circulaires.
Dit Lexplicatiedeel maakt deel uit van de 3.55 miniserie. De Wet milieubeheer staat centraal in deel 3.55a en de overige delen betreffen themaÂ’s op het gebied van de Wet milieubeheer.
De auteur heeft de regelgeving van verhelderend commentaar voorzien, zowel op regeling- als op artikelniveau.
Serie
Rubriek / NUR
Staats- & Bestuursrecht
Aankomende cursussen omtrent Staats- & Bestuursrecht:
Juridische kalender
Trefwoorden
De volgende trefwoorden zijn opgenomen bij dit boek: 4.210 Nederland, Milieurecht
Literatuurlijsten
Wettenbundels
In deze titel zijn een aantal wetten opgenomen waaronder:
Recente uitspraken bij deze wetten:
| Datum | LJN | Samenvatting |
| 18-04-2012 | BW3050 | Besluit waarbij het college geweigerd heeft een aantal voorschriften te wijzigen die zijn verbonden aan de revisievergunning als bedoeld in art. 8.4, lid 3 van de Wm voor een inrichting voor het vervaardigen van producten voor vloeren, daken, wegenbouw en industrie. Het dagelijks bestuur heeft het verzoek van vergunninghouder om wijziging van een voorschrift afgewezen omdat inwilliging van dat verzoek er toe zou leiden dat de grondslag van de aanvraag voor de revisievergunning wordt verlaten. De Afdeling overweegt dat volgens haar vaste jurisprudentie, onder meer neergelegd in de uitspraak van 2 juni 2004, in zaak nr. 200306586/1 (LJN: AP0406), een vergunning verleend krachtens de Wet milieubeheer niet met toepassing van art. 8.24, lid 1 van de Wet milieubeheer zodanig kan worden gewijzigd, dat daarmee de grondslag van de aanvraag om die vergunning wordt verlaten. Voor een dergelijke verandering dient een veranderings- of revisievergunning te worden verleend. De Afdeling overweegt verder dat art. 8.24 van de Wet milieubeheer in het algemeen grondslag biedt voor een versoepeling van een milieunorm die is vastgelegd in de voorschriften van de vergunning of in de aanvraag om die vergunning. De wijziging van voorschrift 3.3.1, die strekt tot een verruiming van de geurcontour, brengt op zichzelf geen uitbreiding of verandering van de vergunde activiteiten met zich. Met de wijziging van dit voorschrift ontstaat evenmin een andere inrichting dan destijds is aangevraagd. Het enkele feit dat de in de aanvraag of het vergunningvoorschrift vastgelegde geurcontour wordt verruimd, betekent niet dat de grondslag van de aanvraag of van de vergunning wordt verlaten. Anders dan waar het dagelijks bestuur van uitgaat, is de omvang van de geuremissie en in verband daarmee het aantal gehinderden, niet van belang bij de beantwoording van de vraag of de grondslag van de in 2007 verleende vergunning of de aanvraag daarvan wordt verlaten, maar alleen bij de milieuhygiënische beoordeling van het verzoek om wijziging. Het bestreden besluit, voor daarbij het verzoek om wijziging van een voorschrift is afgewezen, is in strijd met art. 3:46 Awb dat bepaalt dat een besluit berust op een deugdelijke motivering. |
| 14-03-2012 | BV8757 | Bij besluit van 28 september 2010 heeft het college aan [vergunninghoudster] krachtens artikel 8.4, eerste lid, van de Wet milieubeheer vergunning verleend voor het veranderen en in werking hebben van een varkenshouderij aan de [locatie] te Alphen. Dit besluit is op 9 oktober 2010 ter inzage gelegd. |
| 08-03-2012 | BV8327 | Internationaal transport van afvalstoffen. Normen die de Inspectie Leefomgeving en Transport van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu hanteert bij het beoordelen van partijen papierafval tot het moment dat er op Europees niveau normen zijn overeengekomen. De kern van het geschil tussen partijen betreft de vraag of het gedaagde vrij staat om de grenswaarden jegens eiseressen te hanteren als criteria waaraan eiseressen moeten voldoen bij hun transporten van oud papier en karton. De vorderingen zien enerzijds op het handelen van de Inspectie bij de bestuursrechtelijke handhaving van de EVOA, anderzijds op het handelen van het Openbaar Ministerie bij het onderzoek naar overtreding van het bepaalde in de artikelen 2 lid 35 EVOA jo. 10.60 lid 2 Wet milieubeheer en de artikelen 1a en 2 WED. Voorshands moet worden geoordeeld dat de Inspectie met het vaststellen en het hanteren van de door haar opgestelde grenswaarden haar bevoegdheid om door middel van beleid haar taken in te vullen, overschrijdt. Ook met het hanteren van die grenswaarden in het kader van een rechtshulpverzoek wordt de beleidsvrijheid van gedaagde onmiskenbaar overschreden. |
| 29-02-2012 | BV7286 | Bij besluit van 17 december 2009, kenmerk B09.000873, heeft de raad het bestemmingsplan "Ellerveld (8030)" vastgesteld. |
| 29-02-2012 | BV7245 | Bij besluit van 26 januari 2010, kenmerk 09rb000283, heeft de raad het bestemmingsplan "De Nieuwe Rietgraaf e.o." (hierna: het plan) vastgesteld. |