Lexplicatie 5.9a; Zorgverzekeringswet: Wet op de zorgtoeslag

Auteurs:
BeerepootJongbloed prijs:
€ 59,50
Dit boek is leverbaar en op voorraad
Boek | Ingenaaid | 654 bladzijden | Nederlands
Kluwer | 2e editie | Verschenen in 2011
ISBN-13: 9789013074710 | ISBN-10: 9013074715


Samenvatting
Door de Zorgverzekeringswet is iedereen in Nederland sinds 1 januari 2006 verplicht verzekerd voor een basispakket medische zorg. De Wet op de zorgtoeslag geeft verzekerden onder omstandigheden aanspraak op een tegemoetkoming in de premie.
In dit Lexplicatiedeel zijn beide wetten voorzien van een inleiding en artikelsgewijs commentaar. Daarin wordt veel aandacht besteed aan de parlementaire behandeling. Verder is een uitgebreide selectie lagere regelgeving opgenomen die voor de uitvoering van de wetten van belang is. Door kernbeschrijvingen verschaft de auteur de lezer snel inzicht in de opgenomen regelingen.
Een compleet overzicht van ons nieuwe zorgverzekeringstelsel in compacte vorm.
Serie
Rubriek / NUR
Arbeids- & Sociaal recht
Trefwoorden
Er zijn (nog) geen trefwoorden opgenomen voor dit boek
Literatuurlijsten
Wettenbundels
In deze titel zijn een aantal wetten opgenomen waaronder:
Recente uitspraken bij deze wetten:
| Datum | LJN | Samenvatting |
| 08-03-2012 | BV8297 | Gedeeltelijke vernietiging nieuwe beslissing op bezwaar na uitspraak CBb, 2 augustus 2010 (LJN BN3056). DBC-productstructuur in zijn algemeenheid aanvaardbaar. Verplichting diagnose-informatie aan het Diagnose Informatie Systeem (DIS) door te geven juridisch geen noodzakelijk onderdeel tariefbeschikking. Verplichte vermelding diagnose-informatie op declaraties door psychiaters blijft niet in stand. Zorgvuldigheid en proportionaliteit. Finale geschilbeslechting, voorlopige voorziening. |
| 22-12-2011 | BU9576 | Aanwijzing van de Nederlandse Zorgautoriteit aan een privékliniek voor cosmetische plastische chirurgie om overeenkomstig de DBC-systematiek te declareren. De voorzieningenrechter ziet aanleiding een voorlopige voorziening te treffen, onder meer omdat voldoende aannemelijk is dat een substantieel aantal privéklinieken voor cosmetische plastische chirurgie net als verzoekster met consumentenprijzen werkt, terwijl de Nederlandse Zorgautoriteit ten aanzien van die gevallen niet handhavend optreedt. |
| 08-12-2011 | BV0546 | wijziging polisvoorwaarden ziektekosten |
| 13-12-2011 | BU7125 | Na prejudiciële vragen van de Raad oordeelde het Hof van Justitie van de Europese Unie in zijn arrest van 14 oktober 2010 (Van Delft C-345/09) dat de Zorgverzekeringswet niet in strijd is met de Europese regels. In zijn uitspraak van 15 juli 2011 (LJN BR1934) oordeelde de Raad op dit punt overeenkomstig het arrest van het Hof. In de onderhavige uitspraak geeft de Raad een oordeel over de eis van het Hof in het arrest Van Delft dat er ook bij de invoering van de Zorgverzekeringswet in 2006 geen verschil in behandeling mag zijn geweest tussen burgers die in Nederland wonen en burgers die in een ander EU-land wonen. De Raad oordeelt dat gepensioneerde burgers met een Nederlands wettelijk pensioen die in een ander EU-land wonen voor het ontvangen van zorg in die lidstaat een bijdrage moeten betalen. Er is bij de invoering van de Zorgverzekeringwet in 2006 geen sprake geweest van ongunstiger behandeling van burgers die met een Nederlands wettelijk pensioen in een ander EU-land wonen ten opzichte van burgers die in Nederland wonen. Anders dan appellanten menen is er geen strijd met de Europese regelgeving. Zie ook: LJN BU7126, BU7128, BU7129, BU7133, BU7135 en BU7137. |
| 09-09-2011 | BT1738 | Bij besluit van CIZ van 7 april 2011 is verzoeker in verband met de bij hem vastgestelde beperkingen geďndiceerd is voor Zorgzwaartepakket GGZ05C, gedurende 7 etmalen per week. Verzoeker verblijft niet rechtmatig in Nederland is tot ongewenst vreemdeling verklaard. De voorzieningenrechter komt tot de conclusie dat het onthouden van de effectuering van het geďndiceerde zorgzwaartepakket voor verzoeker levensbedreigend is. In redelijkheid kan niet worden volgehouden dat in de gegeven omstandigheden de weigering van de geďndiceerde zorg blijk geeft van een ?fair balance? tussen de publieke belangen die betrokken zijn bij de weigering van die zorg en de particuliere belangen van verzoeker om die zorg te ontvangen, hetgeen in het onderhavige geval meebrengt dat op het Zorgkantoor een positieve verplichting rust om te voorzien in de voor verzoeker noodzakelijk geachte zorg. |