Jongbloed, de boekhandel voor juridisch Nederland

Lexplicatie 7.9a; Rijksoctrooiwet 1995

Auteurs: Kantas

Jongbloed prijs: € 49,50
Leverbaar Dit boek is leverbaar en op voorraad

Boek | Ingenaaid | 382 bladzijden | Nederlands
Kluwer | 1e editie | Verschenen in 2011
ISBN-13: 9789013072051 | ISBN-10: 9013072054 | PDF Inhoudsopgave



Samenvatting

Wat is een uitvinding? Welke uitvindingen zijn vatbaar voor Nederlands octrooi, en welke bescherming biedt dat?
Hoe verhoudt het Nederlandse octrooi zich tot het Europese?

Het antwoord op deze en vele andere vragen over het octrooirecht binnen het Koninkrijk zijn te vinden in dit
Lexplicatiedeel, waarin de Rijksoctrooiwet 1995 centraal staat. Het deel bevat ook de relevante verdragen,
Europese regelgeving en uitvoeringbepalingen.

In haar artikelsgewijs commentaar geeft de auteur algemene uitleg over de wetsbepalingen. Met veel citaten uit de parlementaire geschiedenis en de belangrijkste jurisprudentie.

Serie


Rubriek / NUR

Ondernemingsrecht

Aankomende cursussen omtrent Ondernemingsrecht:
Datum Titel
01 jun Ondernemer en scheiding 0 0 0 0

Juridische kalender

Trefwoorden

De volgende trefwoorden zijn opgenomen bij dit boek: Octrooien, 4.210 Nederland

Literatuurlijsten


Wettenbundels

In deze titel zijn een aantal wetten opgenomen waaronder:

  • Besluit certificaat gewasbeschermingsmiddelen
  • Overeenkomst inzake de handelsaspecten van de intellectuele eigendom
  • Protocol tot wijziging van de TRIPS-Overeenkomst (vertaling)
  • Richtlijn 98/44/EG betreffende rechtsbescherming van biotechnologische uitvindingen
  • Rijksoctrooiwet 1995
  • Toon alle wetten die in deze bundel staan.

Recente uitspraken bij deze wetten:
Datum LJN Samenvatting
12-07-2011 BR1364 Intellectuele eigendom en internationaal privaatrecht; merkenrecht. Art. 22 sub 4 EEX-Verordening is niet van toepassing in het kader van voorlopige maatregelen. GAT-LuK-doctrine geldt voor alle industriële-eigendomsrechten die worden genoemd in art. 22 sub 4 EEX-Verordening. GAT-LuK-doctrine brengt niet mee dat rechter inbreukbevoegdheid verliest. Art. 1019h Rv is ook van toepassing wanneer in een procedure de vraag aan de orde is of inbreuk wordt gemaakt op een intellectuele-eigendomsrecht in een andere EU-lidstaat.
29-03-2011 BQ0581 Directeur-grootaandeelhouder octroyeert een fluitkopsysteem en brengt dat onder in een nieuwe B.V. die met de vennootschap concurreert. Toepassing leerstuk 'corporate opportuning'? Dit leerstuk kan de Rijksoctrooiwet niet doorbreken. Wel strijd met BW 2:8 en 2:9.
03-03-2010 BL6147 Octrooirecht. Freerider is niet de (juridisch) eigenaar van de octrooien en octrooiaanvragen met betrekking tot The Wheel en is daarom niet bevoegd zich als eigenaar in de octrooiregisters in te laten schrijven. Op grond van de overeenkomsten tussen partijen is Freerider wel bevoegd een octrooigemachtigde aan te wijzen.
23-10-2009 BI9632 Internationaal privaatrecht. Immuniteit van jurisdictie van internationale organisatie (Europese Octrooi Organisatie) in arbeidsgeschil voor Nederlandse rechter. Geschillen die onmiddellijk verband houden met de vervulling van de aan de internationale organisatie opgedragen taken (maatstaf). Vraag of interne rechtsgang binnen de internationale organisatie voldoet aan art. 6 EVRM (recht op openbare hoorzitting).
26-06-2009 BH8674 Merkenrecht. Nietigheid van inschrijving van merk wegens verwarring met algemeen bekend woord/beeldmerk (JAGUAR) in zin van art. 2.4, aanhef en onder e, BVIE (art. 4, aanhef en onder 5, oud BMW) en art. 6bis Unieverdrag?, maatstaf; eis van soortgelijkheid als bedoeld in art. 6bis; prejudiciële vragen aan Benelux-Gerechtshof over uitleg van art. 4, aanhef en onder 5, oud BMW voor de periode vóór inwerkingtreding van art. 16 lid 3 Trips-Verdrag.