Jongbloed, de boekhandel voor juridisch Nederland
Laatste nieuwsitems bij dit boek
Uitspraak gerechtshof Arnhem mbt BPM...
18-08-2010 - Uitspraak gerechtshof Arnhem met betrekking tot BPM op ingevoerde gebruikte auto Gerechtshof Arnhem - De meervoudige tweede belastingkamer van het gerechtshof te Arnhem heeft geoordeeld dat, in een specifiek aan hem voorgelegd geval, ter bepaling van de verschuldigde BPM bij invoer van een gebruikte auto in Nederland, kan worden aangesloten bij de BPM die belanghebbende heeft berekend aan de hand van het XRAY-inruilwaardesysteem.


Fijnstofdifferentiatie BPM was rechtsgeldig
08-07-2010 - Hoge Raad: fijnstofdifferentiatie BPM was rechtsgeldig Na een lang juridisch traject blijkt de verandering in de berekening van de belasting op nieuwe auto´s (BPM), die in april 2008 werd doorgevoerd, toch rechtsgeldig. Het Gerechtshof haalde in oktober 2008 een streep door het systeem van fijnstofdifferentiatie, maar de Staat is door de Hoge Raad alsnog in het gelijk gesteld. Het betrof een principezaak. Het arrest van de Hoge Raad blijft verder zonder gevolgen; er verandert niets.


Lexplicatie 6.4a; Belastingwetgeving motorrijtuigen

Auteurs: Lohuizen

Jongbloed prijs: ca. € 69,50
Uitverkocht Dit boek is uitverkocht

Boek | Ingenaaid | 848 bladzijden | Nederlands
Kluwer | 2e editie | Verschijnt in 2009
ISBN-13: 9789013069488 | ISBN-10: 9013069487 | PDF Inhoudsopgave



Nieuwe editie

Er is van dit boek een recentere editie bekend.


Samenvatting

Dit Lexplicatiedeel bevat drie hoofdwetten:

•de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994
•de Wet belasting zware motorrijtuigen en
•de Wet op de belasting van personenauto's en
motorrijwielen 1992.

Deze wetten zijn door de auteur voorzien van commentaar en gebundeld met de overige relevante regelgeving. In kernbeschrijvingen, inleidingen en artikelsgewijs commentaar brengt de auteur essentie, context en betekenis van de regelgeving in kaart. In het commentaar bij de wetten speelt de parlementaire geschiedenis een belangrijke rol, terwijl bij de lagere regelgeving de toelichting van de wetgever veelvuldig wordt aangehaald. Ook de jurisprudentie komt ruimschoots aan bod. Een compleet en helder overzicht van de regelgeving die de belasting op gemotoriseerde voertuigen in Nederland beheerst.

Serie


Rubriek / NUR

Belastingrecht

Aankomende cursussen omtrent Belastingrecht:
Datum Titel
31 May Autobelastingen, bent u nog helemaal up to date? 0 0 0 0
20 Nov Btw in binnen- en buitenland 0 0 0 0

Juridische kalender

Trefwoorden

De volgende trefwoorden zijn opgenomen bij dit boek: Motorrijtuigen

Literatuurlijsten


Wettenbundels

In deze titel zijn een aantal wetten opgenomen waaronder:

  • Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst
  • Invoeringswet Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994
  • Kaderbesluit MRB
  • Leidraad BPM 2006
  • Overeenkomst inzake de belastingheffing van wegvoertuigen voor persoonlijk gebruik in internationaal verkeer
  • Toon alle wetten die in deze bundel staan.

Recente uitspraken bij deze wetten:
Datum LJN Samenvatting
27-04-2012 BW4153 Belasting van personenauto?s en motorrijwielen 1992; artikel 16, leden 1 en 5, Wet BPM; artikel 1, aanhef en letter j, en artikel 2, lid 3, Wet personenvervoer 2000. Gebruik van taxi-auto voor bedrijfsmatig vervoer van personen tegen betaling?
20-03-2012 BW0450 BPM.
20-03-2012 BW0454 MRB.
02-03-2012 BV7393 BPM. Art. 10, lid 2, Wet BPM. Art. 110 VWEU. Wettelijke bepaling over afschrijvingsgrondslag voor gebruikte auto?s in strijd met Europees recht.
02-03-2012 BV9632 Belanghebbende, geboren 5 mei 1990, woonde tot 26 juni 2008 bij zijn ouders en verhuisde op die datum naar het Verenigd Koninkrijk met meeneming van zijn huisraad. Belanghebbende heeft in het VK een "National Insurance Number"aangevraagd en verkregen. Belanghebbende heeft een cursus "Business English" en een deel van een opleiding "BA International Business"gevolgd. Op 19 augustus 2009 is belanghebbende weer naar Nederland teruggekeerd en weer bij zijn ouders ingetrokken. Belanghebbende heeft op 13 juni een Aston martin gekocht ter waarde van ? 153.000,- omdat hij naar zijn zeggen voor zijn te verwerven baan diende te beschikken over een behoorlijke auto. Bij terugkeer claimde belanghebbende de vrijstelling van artikel 14 Wet BPM. De vrijstelling wordt hem geweigerd. Het geschil concentreert zich rond de vraag waar belanghebbendes normale verblijfplaats, zoals bedoeld in artikel 4 van de verordening (EEG) nr. 918/83 van de Raad van 28 maart 1983 is geweest in de periode 26 juni2008 tot 19 augustus 2009. Het Hof stelt voorop dat belanghebbende feiten of omstandigheden moet stellen die ertoe leiden dat zijn normale verblijfplaats in bedoelde periode in het verenigd Koninkrijk was gelegen. Alle feiten wegend komt het Hof tot het oordeel dat belanghebbende onvoldoende feiten of omstandigheden heeft gesteld om aannemelijk te maken dat hij in bedoelde periode in het Verenigd Koninkrijk zijn normale verblijfplaats heeft gehad. Hoger beroep ongegrond.