Jongbloed, de boekhandel voor juridisch Nederland

Lexplicatie 6.7b; Leidraad invordering 2008

Auteurs: Koedood

Jongbloed prijs: ca. € 39,50
Uitverkocht Dit boek is uitverkocht

Boek | Ingenaaid | 217 bladzijden | Nederlands
Kluwer | 2e editie | Verschijnt in 2009
ISBN-13: 9789013067019 | ISBN-10: 9013067018 | PDF Inhoudsopgave



Samenvatting

De Leidraad Invordering 2008 bevat het invorderingsbeleid van de Belastingdienst. De Leidraad bevat onder meer algemene regels voor de invorderingspraktijk en de toezeggingen die aan het parlement zijn gedaan bij de totstandkoming van de Invorderingswet 1990 over het op basis van de wet te voeren beleid. Deze regels zijn in toenemende mate van belang voor de praktijkfiscalist.

Doordat in de Invorderingswet 1990 een aantal zaken ongeregeld is gelaten, is de Leidraad relevant voor het bepalen van de positie van belastingschuldige of aansprakelijkgestelde, danwel elke andere derde die geraakt wordt door het invorderingsoptreden van de Belastingdienst. Belanghebbenden mogen in rechte een beroep doen op de Leidraad.

In dit Lexplicatiedeel is de Leidraad opgenomen zoals die geldt per 31 maart 2009. De auteur heeft deze voorzien van een inleiding en artikelsgewijs commentaar waarin aandacht wordt besteed aan de recente wijzigingen.

Serie


Rubriek / NUR

Belastingrecht

Aankomende cursussen omtrent Belastingrecht:
Datum Titel
31 mei Autobelastingen, bent u nog helemaal up to date? 0 0 0 0
20 nov Btw in binnen- en buitenland 0 0 0 0

Juridische kalender

Trefwoorden

De volgende trefwoorden zijn opgenomen bij dit boek: Invordering

Literatuurlijsten


Wettenbundels

In deze titel zijn een aantal wetten opgenomen waaronder:


Recente uitspraken bij deze wetten:
Datum LJN Samenvatting
20-12-2011 BP4606 OM-cassatie. Bij de behandeling van de zaak in hoger beroep is door de raadsman aangevoerd dat nadat op last van de burgelijke rechter op vordering van de Ontvanger de verdachte is gegijzeld teneinde zijn belastingschuld te voldoen danwel adequate gegevens te verstrekken, het het OM niet meer vrijstond tegen hem een strafvervolging in te stellen. Het Hof heeft dat verweer gegrond verklaard en het OM niet-ontvankelijk verklaard. Het Hof heeft geoordeeld dat de in het arrest genoemde passage uit de Leidraad Invordering 1990 zo moet worden uitgelegd dat de Ontvanger een keus dient te maken ?tussen het starten van een civiele procedure en het toepassen van de strafsanctie van Hoofdstuk VIII? zodat na het starten van een civiele procedure geen ruimte meer bestaat om de strafsanctie van hoofdstuk VIII toe te passen. Die uitleg is, gelet op de in de conclusie van de AG weergegeven structuur van de Invorderingswet en de wetsgeschiedenis daarvan, te beperkt en derhalve onjuist.
17-05-2011 BQ5273 Bodemrecht fiscus.
16-02-2011 BP6130 Fiscus legt beslag op bedrijfsinventaris van een café in verband met belastingschulden van de exploitant van dat café. De exploitant was geen eigenaar van de bedrijfsinventaris.
13-10-2010 BO9621 Belanghebbende kan zich beroepen op de 'latere' Leidraad Invordering 2008 en hetgeen hierin is bepaald ter zake van de geldigheidsduur van de melding betalingsonmacht. Als rechtsregel geldt immers dat een belastingplichtige zich met vrucht kan beroepen op een rechtens te beschermen vertrouwen, door beleidsregels bij hem gewekt, ongeacht het tijdstip waarop het tot belastingheffing aanleiding genoemde feit zich heeft voorgedaan.
09-12-2009 BK6797 Bestuurdersaansprakelijkheid. Verzoek om verrekening van teruggaven inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen met een openstaande belastingschuld van de B.V. is geen melding van betalingsonmacht. Betalingsonmacht bij de werkmaatschappij brengt niet mee dat de ontvanger op de hoogte was van de betalingsonmacht van de holding. Het beroep van de ontvanger op het ontbreken van een melding van betalingsonmacht is niet in strijd met het doel en de strekking van de regeling van de bestuurdersaansprakelijkheid, met het zorgvuldigheidsbeginsel of met het verbod van détournement de pouvoir. Het bepaalde in artikel 36, vierde lid, tweede volzin, IW 1990 is niet in strijd met artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM. De aansprakelijkstelling is voortijdig voor zover deze ziet op naheffingsaanslagen waarvoor nog een administratief beroep en een procedure bij de Nationale Ombudsman liepen wegens het niet verlenen van uitstel van betaling/afwijzen verzoek om een betalingsregeling. Op grond van de Leidraad Invordering dient de ontvanger gedurende die periode te handelen als was er uitstel van betaling verleend en de BV was dus in zoverre niet in gebreke met betaling van de aanslagen. Ook een aansprakelijk gestelde kan zich hierop beroepen.